FACET architecten & adviseurs

Duurzaamheid

duurzaamheid

Trend versus levensstijl.

Zoals ook te lezen in mijn persoonlijke gegevens op deze website en via linkedIN, ben ik van huis uit architect. In deze hoedanigheid zijn we met ons bureau ook verbonden aan de BNA (Bond van Nederlandse architecten). Eens per twee maanden wordt het BNA-blad rondgestuurd naar alle leden. Dit nummer ging over het Duurzaamheid (“duurzaam doet leven”).

Begrijp me goed : Ik vind duurzaamheid een belangrijk item in ons dagelijks leven, maar langzamerhand is dit een modewoord geworden. Een wanhopige marketingtool in de huidige economische realiteit (en de eerlijkheid gebied me te zeggen, dat ook wij hieraan ten dele hebben meegedaan op deze website). Maar het begint ook een uitgeholde term te worden. Vaak wordt duurzaamheid in gebouwen geassocieerd met de opwekking van energie : warmtepompen, pelletbranders en zonnepanelen.

Ik noem dit altijd de Toyota-Prius-mentaliteit. “Kijk mij eens goed zijn voor het milieu!!”. Maar om bij deze Prius te blijven: Is dit wel zo?? De accu’s uit deze auto kennen een relatief beperkte levensduur, waarbij het maar de vraag is of de productie en hun opbouw(materialen) werkelijk duurzaam (en goed voor het milieu) is. De Prius wordt in Japan gemaakt en moet daarna nog naar ons continent worden verscheept. Eenmaal hier aangekomen wordt hij doorgaans ingezet door vertegenwoordigers van bedrijven, die er veelal lange afstanden mee rijden op de snelweg, waardoor deze helemaal niet zuiniger, beter voor het milieu en daarmee duurzaam zijn….

Zoals uit voorgaande voorbeeld blijkt kent duurzaamheid meerdere facetten, van levensduur van een product tot de wijze waarop het wordt geproduceerd en het energiegebruik in het dagelijks gebruik. Wat onbenoemd blijft, is één stap hieraan voorafgaand. Heb je de auto wel daadwerkelijk nodig. Terug naar het onderwerp. Duurzaamheid in de gebouwde omgeving. Zoals opgeschreven in het BNA-blad begreep architect Paul de Ruijter het goed: Het gaat over “slim…, of intelligent bouwen”. Het gaat over  je gezonde verstand gebruiken. En dat begint bij de vraag : “Heb ik dit wel echt nodig?”.

Onlangs was ik bezig met het ontwerp voor een verbouwing en herbestemming van een boerderij. Gesteld werd door mijn opdrachtgever, dat er een deel aangebouwd diende te worden voor een gezonde exploitatie. We hebben kunnen aantonen, dat het vergroten van het bouwvolume niet opweegt tegen de beperkte extra exploitatie. Hiermee hebben we kunnen voorkomen, dat het bouwvolume onnodig is vergroot.

Dit is één aspect waar volgens ons duurzaamheid over gaat : “Beperk de vraag!!” (Trias Energetica). En volgens ons altijd de belangrijkste vraag.

Maar dit is een vraag, die je niet alleen over het bouwproduct kunt neerleggen, maar vooral ook over het proces. We zijn de gehele juridisering van de bouw meer dan spuugzat!! Er wordt meer dan 10% van de bouw verspilt aan eindeloze contracten, tijdverslindende aanbestedingsprocedures. Om maar niet te spreken over het juridisch steekspel tijdens de bouw. Dit steekspel (als gevolg van besluiteloosheid) voegt niets toe aan het bouwproduct. Pure verspilling. (Hierover later meer in een volgende blog)

Om nog maar te zwijgen over functionele duurzaamheid. De Weense architect Otto Wagner liet rond 1900 de volgende woorden optekenen : “Etwas unpraktisches kan niemals schön sein” (iets wat niet praktisch is, kan nooit mooi zijn). Een uitspraak, die een duidelijke hiërarchie laat zien : Laten we vooral eerst kijken naar het functionele gebruik, en daarna naar de esthetiek. En daarmee schuilt een duidelijke duurzame gedachte in deze opmerking. Een gebouw moet functioneel zijn in gebruik en zich eenvoudig kunnen aanpassen aan de wensen voor de toekomst. Daar hebben de gebruiker dagelijks hun gemak en genot van. Alleen dan voorkomen we nutteloze investeringen in latere aanpassingen. De praktische duurzaamheid van een gebouw is misschien nog wel het belangrijkste van allemaal.

Maar wat willen we nu met het modewoord?? Ach, het modewoord zullen we wel niet geheel uitbannen. Maar laat het nu eindelijk eens een keer vanaf het begin worden toegepast. Voorbij stappen aan labels, ego’s of verborgen agenda’s, kritisch kijken naar wat we werkelijk nodig hebben en kijken naar pure toegevoegde waarde. Dat is echte duurzaamheid…

Door: Johan Drenth